Son of the South op Moviemeter (2,63)
Son of the south op Wikipedia
Toen ik decennia geleden de film "Mississippi Burning" bekeek, was ik nog geschokt. Nu - door de jaren en de wol geverfd- heb ik dat minder. Nog steeds vind ik het gruwelijk om te beseffen hoezeer racisme en fascisme een maatschappij kunnen verpesten en welhaast vernietigen, maar ik heb geleerd om daar realistisch mee om te gaan. Immers: hun volgelingen zitten in diverse nationale regeringen, zitten in regionale en plaatselijke besturen. Nog maar enkele weken geleden werden op 100 meter van mijn huis ook White Power- bekladdingen aangebracht: nog steeds verontrustend maar al lang niet meer zo schokkend als 40 jaar geleden. We weten dat dit gedachtengoed zijn plaats heroverd heeft.
Een lange inleiding om te vertellen dat "The Order" weliswaar spannend én misdadig is, maar niet meer tot zo'n schokeffect leidt als het dat in de vorige eeuw nog had gedaan. Pluspunten zijn het geloofwaardige acteerwerk (oa Jude Law, die ik vorige week nog als Vladimir Putin op het grote scherm aan het werk zagzag) en de mooi opgebouwde ondersteunende rollen rondom de goeden en de slechten.
Husk merkt enige weerstand binnen het lokale politiekorps, alleen de jonge agent Jamie Bowen is bereid hem van informatie te voorzien. Met dit kleine beetje hulp én met de druk van zijn FBI-collega Zillah Craig op zijn nek slaagt Husk er langzaam in de knopen te ontwarren: hij signaleert een machtsstrijd tussen de wat gematigder (?) Aryan Nation en de groepering van de hypermilitante groepering The Order, die onder aanvoering van hun leider Bob Mathews het revolutionaire pad bewandelt. Steeds nauwer sluit het net zich, steeds explosiever wordt het pad van the Order: een confrontatie tussen Husk en Mathews kan niet lang meer uitblijven.
Met: Jude Law, Nicholas Hoult, Tye Sheridan, Odessa Young, Alison Oliver
FIN - song : Jed Kurzel - The OrderOp zeker gaat deze film volgende maand een stamp Oscars binnenslepen, het is met recht een meeslepend filmverhaal. Vormgeving: perfect. Muziek: ritmisch en dwingend. Acteerwerk: bij vlagen heel sterk in het hoekje van de hoofdpersonages. Maar het verhaal, mensen, het verhaal: kon dat nou echt niet anders? Het was ook een mooi verhaal geweest als het meer in de hoek was gebleven van racisme versus Ku-Klux-Klan, van slavernij versus witte man. Nu werden er allerlei zaken bij gehaald die het visueel erg goed doen maar die maakten dat wij thuis bijna afhaakten: een ronduit belachelijke climax en dito afronding daarvan. Het had zo mooi kunnen zijn, maar bij mij gaat ie niet de boeken in als een blijvertje. Overigens: ik maak me geen illusies hoor, ik weet dat er een heel grote groep filmkijkers op verhalen als deze zit te wachten. Ik doe het wel met de krenten, dan mogen jullie de rest van de pap oplepelen.
Terug naar 1932, naar het ongemakkelijke zuiden van de VS. Twee broers keren terug van hun criminele loopbaan in Chicago, ze zijn vastbesloten het nu in hun eigen geboorteregio te gaan maken. Ze hebben flink wat geld vergaard met activiteiten die het daglicht niet kunnen verdragen; dat geld moet nu tot investeringen leiden waardoor ze voor het leven geramd zitten. Ze gaan een "Juke Joint", een groot danscafé opzetten waar hun Chicago-lessen ten uitvoer kunnen worden gebracht door de zwarte bevolking. Muziek, drank, dans, gokken, seks: het kan allemaal in hun café. Ze hoeven alleen nog maar muzikanten en personeel te werven, de drank hebben ze al uit de bootleg kunnen jatten.
Alle seinen staan op groen voor een daverende openingsavond, totdat er een drietal blanke muzikanten voor de deur staat. Of ze mee mogen doen, ze horen zulke prachtige dingen vanuit de joint. "Doe het niet, doe het niet" schreeuwen wij de acteurs toe, ze zien toch zelf ook wel dat de duivel voor de deur staat?
Met ; Michael B. Jordan, Hailee Steinfeld, Miles Caton, Delroy Lindo, Jayme Lawson, Jack o'Connel, Wunmi Musaku
Gezien in : HBO MaxIn cinematografisch opzicht misschien niet helemaal geslaagd (de combinatie van biopic, historisch drama en boekverfilming komt soms geforceerd over) maar #manmanman , wat een ongelooflijk interessant verhaal. Naarmate de tijd verstreek, zat ik meer naar het (thuis)scherm gebogen omdat ik het óók begon te zien. Ik zag wat schrijfster Isabel Wilkerson beoogde met het boek waar de film op geënt is. Sterker nog: nu wil ik het ook lézen.

Journaliste Wilkerson heeft het even niet meer in de vingers: iedereen vraagt wanneer ze weer met nieuw werk komt, wanneer komt ze weer eens een nieuwe prijs ophalen? De zorg voor haar bedlegerige moeder belet haar het schrijven. Daar komt later het plotse overlijden van haar partner ook nog eens bij: alle lust tot schrijven en informatie vergaren resp. delen vergaat haar. Totdat ze zich bijeen weet te rapen, omdat ze weet dat zowel haar moeder als haar man dit van haar geëist zouden hebben. Ze zet door: het plan voor het nieuwe boek zit allang al in haar hoofd. Veldwerk, here we come.
Het boek dat eruit rolt is "Caste: the Origins of our Discontent", een doorwrochte verhandeling over de pijlers die verbanden leggen tussen slavernij en segregatiewetten enerzijds en nazisme en kastenstelsel anderzijds. Niet het racisme is daarvan de rode draad, maar de hiërarchie en de endogamie (geen gemengde huwelijken, alleen met "je eigen ras") zijn historisch veel bepalender voor de macht die van deze repressieve systemen uitgaan. Je gaat het pas zien als je het doorhebt.
Met: Aunjanue Ellis Taylor, Jon Benthal, Niecy Nash, Emily Yancy
The Killing of Kenneth Chamberlain op Wikipedia
Bedrieglijk eenvoudig lijkt het, maar wat een maximaal effect. Zo simpel kan het zijn: in een beperkte ruimte met een beperkt aantal spelers een spanning opbouwen die een aantal keren over de top gaat, ondanks dat je precies weet hoe alles gaat aflopen (daar doet de filmtitel geen goed aan, dat is niet bepaald een spoiler alerrt). Helaas een op waarheid gebaseerd verhaal. En vooral dat zorgt ervoor dat deze film een enorme impact heeft op de kijker, ik keek m op het puntje van de bank. Als filmkijker zeg ik "SCHITTEREND", als mens zeg ik "GRUWELIJK". U mag zelf zeggen of uw mening hier ergens tussenin gaat liggen.
We gaan terug naar 2011. In New York woont de oude Kenneth Chamberlain nog zelfstandig in zijn flatje. Vanwege zijn hartproblemen heeft hij een monitoringssysteem in huis, een hulpmiddel dat hem uiteindelijk de das om zal doen. Als dat apparaat op een nacht een storing krijgt, geeft het een alarmsignaal af bij de centrale, die - geheel te goeder trouw- een politie-eenheid naar de flat sturen om te checken of het allemaal wel goed gaat met de bewoner.
Chamberlain - zelf oud-marinier- raakt danig in de war van die nachtelijke klop op de deur en vraagt- door de gesloten deur heen- wat de agenten komen doen. Die beantwoorden hem met een hulpvaardige houding en melden dat ze alleen even willen checken hoe het gaat, ze willen hem even zien. Chamberlain, nog halfslagerig, raakt danig in de war en schiet in zijn oude militaire reflex: met mij gaat alles goed, jullie kunnen weer gaan, Hij weigert ze toegang te geven tot zijn flat,tot zijn veilige haven. Precies daar gaat het mis: de agenten aan de andere kant van de deur vertrouwen het niet. Wat voert Chamberlain in zijn schild, waarom doet ie niet open? Heeft hij drugs of wapens in huis, houdt ie iemand gegijzeld? De heren persisteren in hun wens om de woning te betreden en gaan langzaam overr tot agressieve kreten en klappen op de deur. Ook Chamberlain verlaat zijn stellingen niet: er is niets aan de hand, heren, vertrek alsjeblieft. Wat een eenvoudige hulpdienst had moeten zijn, resulteert in een dreigende inval, Een kleine man versus een machtig apparaat.
Met: Frankie Faison, Steve o'Connell, Enrico Natale, Ben Marten
Wat een heerlijke film! Niet alleen door het ontwapenende spel van Jeffrey Wright en Sterling K. Brown, maar ook door de fijne plottwisten die er in zitten. Film is iets minder dan 2 jaar oud maar ik weet niet meer precies waarom ik m destijds niet opgepikt. Wel weet ik nog dat ie een fijne "rumour around the brand" kreeg (de discussies rondom "woke" en "Black Lives Matter" lopen al een tijdje). Het is erg fijn om te zien dat deze film er op luchtige wijze de draak mee steekt, dat het clichés uitvergroot hetgeen het verhaal ten goede komt. Zelf ging ik erg goed op het snobisme in de wereld van de cultuurprijzen, waar iedereen the "next big thing" meent te hebben ontdekt.
Hoogleraar literatuur Thelonious "Monk" Ellison trekt het allemaal even niet meer . Hij kan met de dag minder hebben van zijn verwende studenten. Na de zoveelste uitval wordt hij dan ook op het matje geroepen en zelfs met verplicht verlof gestuurd. De oorzaak van zijn onvrede zit m erin dat het steeds maar niet lukt om een volgend boek geschreven te krijgen: zijn eerdere werk wordt weliswaar geprezen om de goede stijl en de scherrpe onderwerpkeuze, maar het verkoopt voor geen meter. Monk voelt zich miskend en reageert dat cynisch af op iedereen in zijn omgeving. Afgunstig ziet hij hoe andere schrijvers met een platte, populaire stijl wel de schappen uit vliegen.
Monk zint op wraak, maar eerst moet er schoon schip gemaakt worden in de familie: zijn lieve zus overlijdt plotseling, zij nam een groot deel van de zorg voor hun licht dementerende moeder op zich, Monk besluit zijn sabbatical hier voor een goed deel aan te wijden, maar loopt ook hier tegen zijn eigen menselijke onvermogen aan: hij ruziet met zijn broer die hem elitarisme verwijt, hij heeft moeite met de verzorgenden in het tehuis. Wel ondervindt hij begrip bij een overbuurvrouw van zijn moeder, maar dat gaat ook alleen maar goed omdat Monk niet het achterste van zijn tong laat zien. Kortom: het roer moet om: als hij dan toch de wereld niet kan veranderen, dan zal hij het spel mee gaan spelen.
Monk begint aan een boek dat stilistisch mijlenver van hemzelf afligt maar dat boeit hem niet: hij wil kijken of hij het kán, of hij een boek kan schrijven dat opschudding veroorzaakt en dat bij literatuurcritici op de bespreeklijst kan komen. 'Hij verkoopt zichzelf, maar what the fuck..
Met; Jeffrey Wright, Sterling K. Brown, Issa Rae, John Ortiz, Leslie Uggams
FIN - song : Cannonball Adderley- Autumn LeavesSympathieke telefilm, erg jammer van het zeer matige acteerwerk. Het verhaal is an sich echter boeiend genoeg om dit toch tot het einde af te kijken.
Daar zit je dan, met je vader in de auto naar het dorp waar hij opgroeide. Robin's vader Agus wil een nieuw leven daar starten, na de breakup met zijn vrouw. Robin wil echter zo gauw mogelijk terug naar haar moeder en naar het levendiger Amsterdam. Voor Agus lijkt er echter geen weg terug.
Wat er precies allemaal is gebeurd, daar komt Robin niet zo gauw achter maar ze merkt dat haar vader sporen heeft achtergelaten in de Molukse gemeenschap in zijn oude dorp. Vader en moeder reageren stug op zijn terugkeer, zijn oude vrienden zijn zelfs agressief. Voor Robin des te meer reden om terug te willen, maar Agus manipuleert er op los zodat zijn ouders het idee krijgen dat hun zoon echt zijn leven zal gaan beteren. Stukje bij beetje ontdooit Robin, zeker als ze voorzichtig in contact komt met haar oma, die onder de stugge Aziatische zwijgzaamheid gewoon een zeer lieve dame blijkt te zijn. Ze neemt haar kleindochter langzaam mee in enkele familiegeheimen en leert haar de beginselen van het vechtvliegeren, een sportieve ontspanning die binnen de familie nogal een status heeft. Robin pakt het goed op.
Met: Joenoes Polnaija, Joy Esschendal, Nel Lekatompessy, Alexander Lekatompessy
FIN - song : Siroj/ Joris Titawano - De laatste wedstrijdGisteravond had ik meer geluk: een prima film en een dito documentaire. Dat schrijft al een stuk makkelijker. Deze heeft wel in ons filmtheater gedraaid maar ik heb m destijds gemist, daarom wel direct op opnemen geklikt toen ik m voorbij zag komen. Ik moest me even door het gruwelijke commanderende drill-gedrag heen slikken (ja, ik weet het : dat hoort bij legerfilms) maar ietsje daaronder zat gewoon een goed sociaal drama.
Ellis heeft het zwaar. Het leven op straat is al niet makkelijk maar wordt voor hem alleen nog maar lastiger omdat hij én zwart is én homoseksueel. Hij is het zat om van daklozenopvang naar daklozenopvang te trekken en neemt een kordaat besluit: hij gaat het leger in, hij wil marinier worden. Hij ziet alleen maar voordelen: het is werk, het is onderdak en het zal hem zeker ook weer positief in beeld brengen bij zijn moeder, die hem jaren geleden het huis uitzette toen hij uit de kast kwam.
Aanvankelijk pakt zijn plan uitstekend uit; de trainingen en de zware exercities kan hij allemaal wel aan (al kost het hem natuurlijk ook best veel moeite, als je bedenkt waar hij vandaan komt). Het lastigste is voor hem het verhullen van zijn identiteit. Immers: homoseksuele mensen worden in dit soort masculiene omgevingen altijd het mikpunt van spot, van bedreigingen en uiteindelijk zelfs van geweld.
Ellis gaat door diepe dalen, tot levensgevaarlijke situaties aan toe, maar beseft dat er geen weg terug is: Deze opleiding is immers zijn enige kans om iemand te worden, zelfs als hij bezwijkt tijdens de exercities zal hij nog meer waardering oogsten dan wanneer hij de homoseksuele zwerver zou blijven. Hij bijt door, hij komt ver maar komt wel steeds verder in het gedrang. Het enige dat hem op de been houdt, is de mogelijke diplomering en de kans daarmee zijn moeder over te halen tot hernieuwd contact.
Met; Jeremy Pope, Gabrielle Union, Bokeem Woodbine, Raul Castillo
FIN - song : Serpentwithfeet- The handsNog even heftig als de eerste keer dat ik deze film zag. Goed om deze nog een keer opnieuw te bekijken, want terwijl we hier in Nederland geloven dat antisemitisme de enige vorm van discriminatie is, weet men in heel veel landen dat racisme eigenlijk in alle maatschappijen voorkomt. Sterker nog: dat racisme nog maar een paar decennia geleden staand beleid was. Als je boos wordt bij het kijken van deze film, dan zit het met je empathie nog wel goed.
Mijn recensie van destijds (2017) : Recensie "Detroit"- BEGT 2017
FIN - song : The Roots & Bilal - It ain't fairHet is toch wel een genre op zich: presidentenfilms. We maakten er ooit een complete ronde over in onze filmquiz, er zijn er zoveel dat we zelfs nog konden schrappen om tot tien acceptabele keuzes te komen. Iedereen kent wel "JFK" maar zijn opvolger (met een vergelijkbare afkorting) is bij velen een stuk minder bekend. Lyndon Baines Johnson is door de geschiedenis door de jaren heen wel getypeerd als ridder van de droevige figuur. Immers, hoewel zelf hardliner qua politieke ideeën bereikt hij het daarin hoogst haalbare ambt slechts omdat hij de eerst opvolgende in lijn was. Als Kennedy niet zou zijn vermoord, zou hij nummer president zijn geworden. In de film "LBJ" volgt befaamd regisseur Rob Reiner de wording van een president.
De film start op het katalyserende moment van JFK's bezoek aan Dallas, november 1963. Johnson is een zuiderling en denkt aardig thuis te zijn in de denkwijzen van de Texaanse bevolking maar ziet tot zijn verbazing dat ook hier de gekte is toegeslagen: het publiek is idolaat van die goodlooking guy die hun president is, van de man met sex- en alle andere appeals die klasse verraden. Johnson constateert mokkend dat hij een achtergrondfiguur is geworden die door politieke handigheid van JFK min of meer is geneutraliseerd: zijn invloedrijke positie als Southern Senator is ingeruild voor een plek in de schaduw van een immer stralende president.
Maar ja, we kennen de geschiedenis. Lee Harvey Oswald vermoordt en verstoort de American Dream en dat betekent automatisch dat LBJ uit de schaduw moet stappen. Deze overlegt nog wel met Robert, de nukkige broer van de doodgeschoten president maar deze merkt dat zijn weerstand tegen Johnson het af moet leggen tegen de officiële regels der verantwoordelijkheid: Amerika heeft leiding nodig en daarvoor is de VP nu eenmaal de eerste aangewezen kandidaat. Aanvankelijk verrast Johnson iedereen door kordaat en bewust de ingezette lijn van JFK voort te zetten: de Civil Rights-act die zijn voorganger zo graag wilde, zal en moet er komen omdat Amerika stappen moet maken richting de moderne tijd. Johnson's oude vrienden voelen zich verraden maar zien ook wel in dat de pragmatische aanpak van de nieuwe president de tijdgeest goed te pakken heeft.
Met; Woody Harrelson, Jennifer Jason Leigh, Richard Jenkins, Michael Stahl-David, Jeffrey Donovan, Bill Pullman
FIN - song : Marc Shaiman- Let's get to workThe Kitchen op Moviemeter (2,41)
Een 4,8 op IMDb? Daar begrijp ik weinig van. Goed, het regiedebuut van acteur Daniel Kaluuya (oa "Get Out" is overwegend gitzwart en pessimistisch van toon, maar de toekomst is nu eenmaal niet zonnig. Ik zie wel degelijk lichtpuntjes in de film en ben vooral gecharmeerd van het overtuigende acteerwerk van hoofdrolspeler Kano (aka Kane Robinson) die in de film een mooi pad aflegt.
Kano speelt Izi, een man die in de kracht van zijn leven een bescheiden baantje vervult bij een uitvaartcentrum. Helaas geen rustig baantje want men heeft er iets teveel klanten de laatste tijd, klanten die vooral komen uit de nabijgelegen woonwijk The Kitchen. Het is een van de laatste woonwijken in London die nog niet door de autoriteiten zijn schoongeveegd (met behulp van de ME). De overwegend zwarte bevolking leeft er in continue spanning, wachtend op de volgende razzia.
Izi wordt geconfronteerd met een bekende: de dame die voor hem op tafel ligt om te worden voorbereid op de uitvaart kent hij uit een ver verleden maar hij laat - mogelijk uit angst voor represailles, mogelijk uit angst voor zijn baan- niets blijken. Toch zegt zijn blik voldoende voor de puberzoon van de vrouw: hij wacht Izi op na diens werk.
De jongeman, Benji, staat er nu alleen voor en Izi laat duidelijk blijken dat hij wel voor hem wíl, maar mogelijk niet voor hem kán zorgen. Izi heeft namelijk spaargeld opgebouwd en staat op het punt de spanningen in The Kitchen achter zich te laten door naar een nieuw bouwproject te verhuizen. Benji beschouwt dat als verraad aan de medebewoners van de achterstandswijk. Stukje bij beetje komen de twee tot elkaar, om elkaar vervolgens weer net zo hard af te stoten. Er is een clash nodig, een harde clash, om hun onderlinge verstandhouding duidelijk te maken. En op die clash hoef je in the Kitchen niet lang te wachten.
Niet vrolijk, deze film. Wel intrigerend.
Met: Kano, Jedaiah Bannerman, Hope Ikpoku Jr
Hoewel de film reeds openingstitel was van de afgelopen Hoornse Filmdagen, gold de vertoning van gisteravond nog steeds als voorpremière, pas vanaf donderdag gaan de overige zalen in het land meedoen. En dat is geen dag te laat, want als er dan toch mensen met "kerstgedachten" en "vrede op aarde" bezig zijn, zouden ze deze film daarin moeten meenemen. We werden voorafgaand aan de film getrakteerd op een kort toespraakje van de regisseur die vertelde waar de film volgens hem over ging. En dat was goed om in het achterhoofd te houden bij het kijken van de film, want die zou zomaar de attentie een andere kant op kunnen leggen.
Easington, Noord Engeland, 2016. Het verarmde gebied (nabij Durham) is nog lang niet hersteld van de klappen die het opliep bij het sluiten van de mijnen: torenhoge werkloosheid, armoede, waardedaling van de woningen, sociaal isolement. Van buitenaf komen nieuwe dreigingen: de makelaars verkopen woningen ver onder de prijs aan buitenlandse investeerders die het plaatsje nog verder komen uitwonen. Het zet de boel al enigszins op scherp, maar dat gebeurt nog een graadje erger als er een bus met vluchtelingen stopt. Voor de oorlog gevluchte Syriërs krijgen onderdak in de diverse leegstaande arbeiderswoninkjes. In Engeland zijn de mensen niet anders dan elders: veel gemopper a la "denk eerst eens aan je eigen mensen" en "waarom worden zij wel geholpen en wij niet?" . Niets nieuws onder de zon.
Gelukkig zijn er ook mensen die anders in de wedstrijd zitten (inderdaad: ook die zijn gelukkig overal). De ingetogen barman T.J. is hulpvaardig voor de vragende Syrische mensen, hij rijdt met zijn busje spullen rond die de sociale dienst verstrekt en hij biedt een luisterend oor aan de geschrokken Yara, wier fotocamera door de woedende lokale bevolking werd vernield zodra ze uit de bus stapte.
T.J. heeft dagelijks zijn barretje vol zitten met oude mopperende Britten, die hun dag verdoen met klagen over de buitenlanders en hun eigen sociale situatie terwijl ze de ene na de andere pint verorberen. TJ hoort het aan en mengt zich niet in discussies, maar komt daar onvermijdelijk toch in terecht wanneer hij besluit in te gaan op een verzoek van Yara, die een verbindend diner wil organiseren waarop de Syrische gasten de lokale bevolking trakteren en aldus een verbeterde start en kennismaking willen organiseren. TJ voelt er wel wat voor maar stuit op weerstand bij zijn vaste klanten.
Zelf keek ik de film met gemengde gevoelens: niet alleen raakt het onderwerp zowel aan mijn dagelijkse werkzaamheden als aan mijn sociale hart, ook besefte ik maar al te goed dat dit de laatste film is die meesterregisseur Ken Loach aflevert. De 87-jatige social cinema-exponent heeft me met zijn werk meerdere malen tot tranen toe geroerd of juist boos gemaakt. Daar mag ik hem dankbaar voor zijn. Wat een legacy!
Met : Dave Turner, Ebla Mari, Claire Rodgerson, Trevor Fox
FIN - song : Wladek Zabawa - Ho HoDit is wel even iets meer dan een documentaire, jongens. Dit is een tijdsbeeld, dit is een statement en een inzicht in helaas nog lang niet vervlogen tijden. Say it loud, i'm black and i'm proud.
1969, Harlem New York. Terwijl het witte deel van Amerika zich opmaakt voor het grote hippische muziekfestival Woodstock, worden in Harlem - de op dat moment meest expliciete zwarte wijk van New York- de voorbereidingen getroffen voor net zo een muziekfestival, maar dan voor ander publiek en voor andere artiesten. En wel de club die in Amerika al tijdenlang in de verdrukte hoek zit: de zwarte bevolking die zich vrij probeert te vechten maar nog maar net de wonden probeert te helen die de moorden op hun broeders Martin Luther King en, Malcolm X, maar ook die op de hen goed gezinde broers Kennedy hebben geslagen. Heel de VS weet dat het anders gaat worden maar het gaat Black America niet snel genoeg en White America wil haar machten nog lang niet uit handen geven.
Onder dat gesternte komt een keur aan muzikanten voorbij, de ene nog politieker dan de andere. Nadrukkelijk wijzen ze op de noodzaak van bewustwording en gelijkschakeling: Stevie Wonder, Sly Stone, The Staple Singers en uiteraard de altijd militante Nina Simone. Ze creëren een feest: een muzikaal feest met een wrang randje.
Gek genoeg had ik deze veel slechter verwacht dan ik m uiteindelijk vond. Doorgaans zijn dit soort romkoms te flauw, te glad, te voorspelbaar. Dat had ik bij deze minder. Niet heel goed, maar wel goed genoeg.
Samir (vanaf nu Sam genaamd) kijkt op tegen zijn stoere broer Mo en diens uitbundige vriend. Die twee zetten Amsterdam-Noord op stelten door de politie uit te dagen, kruimeldiefje te spelen. Dat is allemaal nog tot daar aan toe, maar uiteindelijk gaan de twee zelfs verder door een gewapende overval te plegen. Sam heeft kort daarvoor zijn broer al moeten beloven niet dit pad op te gaan: niet voor sjieke kleding en dure spullen, nee: jij gaat een opleiding doen, jij moet slagen in deze maatschappij.
Ze weten Sam op een dure opleiding in Amsterdam-Zuid geplaatst te krijgen: aan zijn muzikale kwaliteiten ligt het niet, maar hij moet wennen aan de strenge regelgeving op dit schier klassieke opleidingsinstituut. Sam rebelleert maar weet net voldoende aansluiting te vinden, oa bij de vriendelijke doch onzekere IJsbrand en vooral bij de bevallige Annelies.
Terwijl zijn broer wordt veroordeeld door een verlink-actie van zijn parner-in-crime, probeert Sam zich staande te houden tussen al die verschillende werelden: zijn ouders, zijn afkomst, zijn buurt en oude vrienden maar ook die van zijn nieuwe leven. Andere gezinnen, ander welvaartsniveau, andere normen en waarden. Sam worstelt, Sam (be)studeert.
Met : Shahine El Hamus, Olivia Lonsdale, Mahfoud Mokkadem,. Thor Braun, Yorick van Wageningen
FIN - song : Jayh, Sjaak, Shine, Olivia - Ik wil jou
Riceboy sleeps op Moviemeter (3,88)
Poëtisch migrantendrama, deze Koreaanse film. Hypertraag, bij vlagen iets te larmoyant maar het lukt de film wel om de aandacht vast te houden. Dat zal met de intensiteit van het verhaal te maken hebben, vanaf het begin van de film is het duidelijk dat er een competentiestrijd tussen de behoudende moeder en de vernieuwende zoon.
De riceboy uit de titel is het scheldwoord dat de jonge Dong-Hyun op school te horen krijgt. Temidden van witte Canadese kindertjes is hij de uitzondering en dus het mikpunt. Zijn broodtrommeltje bevat "stinkende" Koreaanse hapjes. zijn bril is te groot voor zijn kleine hoofdje en hij is bovendien nog eens een stille en teruggetrokken leerling.
Moeder is naar het westen gevlucht omdat ze - na de zelfmoord van haar partner- als alleenstaande moeder geen leven meer had in het traditionele Zuid-Korea: verstoten door haar moeder, verstoten door de maatschappij restte So-young niets anders dan elders een nieuw leven op te bouwen. Dat laatste lukt mondjesmaat, ze heeft een fabrieksbaantje waar ze ook regelmatig de vernederingen moet ondergaan die medewerkers elkaar nu eenmaal denken aan te moeten doen. Aanvankelijk zwijgt ze, maar ze trekt een grens en geniet vanaf dat moment respect. Ze zal alles doen om haar zoon een goede toekomst te geven.
Een sprong in de tijd maakt Dong-Hyun opeens een tiener, een verwesterde tiener met interesses in blowen en drinken en meisjes. Niet heel gek natuurlijk, maar botsend met tradioneel Koreaanse waarden. Het moment dat hij voor een schoolopdracht op zoek moet naar de stamboom van zijn familie plaatst hem opeens tegenover zijn moeder: ze zal meer moeten vertellen over de redenen van haar vertrek, over de oorzaak van Dong-Hyun's opgroeien zonder vader. Maar So-Young is hardnekkig, de twee zoeken naar houvast om elkaar niet kwijt te raken en toch beslissingen te kunnen nemen over hun verdere leven.
Met: Choi Seung-Yoon , Ethan Hwang, Anthony Shim, Dohyun Noel Hwang
FIN - song : Alex Banks - Uber den Vulkan WolkenMijn recensie van destijds: https://begt.blogspot.com/2021/04/a-time-to-kill-joel-schumacher.html
Billy Idol should be dead op IMDb (7,4) Billy Idol should be dead op Moviemeter (3,44) Billy Idol should be dead op Melkweg Doc Dacht ik v...